keer terug naar de vorige pagina
Het getuigt van overmoed wanneer "particulieren" zélf conservator of restaurator gaan spelen en zich wagen aan de reiniging van een schilderij. De gevolgen van sommige pogingen met stukjes van aardappelen, uien en andere groenten of - erger nog!- bruine zeep of ander een ander poetsmiddel zijn niet te overzien. De "mirakelprodukten, die in de handel verkrijgbaar zijn, kan men beter links laten liggen. Deze zepen, die vele hobbyisten aanbevelen zijn zuur en tasten op lange termijn het volledige doek en de verflaag aan. Het reinigen van een schilderij is het werk van een vakman, een restaurator-conservator.
Wist je dat er nog veel kunstwerken onvermoed en ongeacht rondslingeren in privé-bezit? Soms kom ik bij particulieren tot een aangename ontdekking, maar dikwijls moet ik ook mensen teleurstellen. Zo heb ik ooit een meesterlijk schilderij ontdekt onder een amateurswerk. Het doek stond al jaren op zolder. De eigenaars brachten het schilderij binnen om te vragen of ze het mochten weggooien. Ik had hen verteld dat het schilderij op het eerste gezicht enkel sentimentele waarde had, maar dat er misschien iets ouders onder de overschildering zat. De drager (het doek ) was alleszins 17 de eeuws. De eigenaars besloten om het risico te nemen en het doek te laten restaureren. En wat bleek? Ze hadden geluk. Het schilderij was (na verwijdering van de overschildering) een madonna met kind uit de 17de eeuw (uit de school van Van Dyck) en veel mooier dan het landschap uit 1940, dat er vermoedelijk tijdens WO II was opgezet om de duitse bezetters te misleiden.
Een schilderij in slechte staat verliest een deel van zijn waarde. Maar vanuit puur economisch standpunt moet men zich altijd afvragen welke meerwaarde een schilderij zou krijgen na een restauratie, alvorens hier ook maar enig geld aan uit te geven. Niet elk kunstwerk is het waard om, onder eender welke voorwaarden, te worden gerestaureerd. Het bedrag van de restauratie moet in verhouding blijven tot de waarde van het werk, of deze waarde nu min of meer objectief (handelswaarde, artistieke of historische waarde) of subjectief is (emotionele of familiale waarde).
Musea en verzamelaars, althans in West-Europa,verkiezen doorgaans de tweede oplossing. De eerste oplossing met doorgedreven reiniging houdt immers het gevaar in dat een deel van de huid van de verflaag verdwijnt. De vraag is dus hoever men kan gaan zonder té ver te gaan. Men kan soms ook opteren voor de gulden middenweg. Maar dat vraagt veel kennis en ervaring.
Ik hou van schilderijen en kunstgeschiedenis en van het werken met mijn handen. Restaureren betekent met je handen bezig zijn en ... met je hoofd. Want denken hoort er evenzeer bij. Vroeger leerde je het vak van bijvoorbeeld je vader, of een bekende, of je ging in de leer bij een restaurator in een museum. Na een aantal jaren had je dan voldoende geleerd. Vroeger was restaureren ook een opleiding achteraf.
Dat is nu veranderd. Je kan er nu voor kiezen na je middelbare school. De opleiding duurt nu vier jaar. Deze vroege keuze, op 18-jarige leeftijd, heeft “voordelen en nadelen”. Wanneer je op latere leeftijd begint heb je al andere ervaring opgedaan. Dan krijg je tijdens de opleiding meer mensen met een verschillende achtergrond. Sommigen hebben kunstgeschiedenis gestudeerd. Anderen volgden eerst een kunstopleiding. Nog anderen hebben scheikunde gestudeerd. Met al die mensen samenwerken maakt het boeiend. Natuurlijk blijft het vak zélf leren uitvoeren het belangrijkste.
Hoe begin je aan een restauratie? Door te kijken! Er gebeurt een vooronderzoek. Dat vooronderzoek is 'kijken', maar dan niet enkel met je ogen. Er worden allerlei hulpmiddelen ingezet. Daarbij horen de microscoop, X-stralen, UV-licht, strijklicht, enz. Dat onderzoek probeert de toestand van het werk heel duidelijk te maken. Zo kan je de problemen van het werk op een rijtje zetten. Vervolgens wordt een plan opgesteld voor de behandeling van het schilderij. Pas daarna kan het echte werk beginnen. Dit gebeurt soms onder begeleiding van andere kenners, die allemaal hun eigen specifieke ervaring hebben. Het gaat om andere restaurators, scheikundigen, mensen uit musea, onderzoekers, e.d. Het is de restaurator die een verslag uitbrengt, want hij is de feitelijke uitvoerder en heeft ook het beste beeld van het werk. Hij werkt er immers bijna elke dag aan. Hij schrijft op wat hij ziet tijdens zijn werk. Maar niet alleen dat. Er worden ook foto's genomen als bewijsmateriaal.
Wat is het doel van restauratie?
Het is de primaire bedoeling van de restaurator om een voorwerp in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. Het kan hier gaan om verschillende objecten, veelal van historische of artistieke waarde. Een (kunst)object is in principe niet gemaakt voor de eeuwigheid, alles heeft een begin en een einde. Dat is ook zo voor kunstvoorwerpen die zijn aangetast door de tand des tijds. Sommige problemen zijn van recentere datum, zoals bijvoorbeeld de smog. Smog bevat een bijtend zuur, dat vele zandstenen gevels gewoon wegvreet, en zo de witsteen van onze middeleeuwse monumenten aantast. Een restaurator heeft dan ook de taak om het kunst- en cultuurpatrimonium te bewaren en te conserveren voor de volgende generaties. Men kan hem als het ware beschouwen als "de verpleger" van kunstvoorwerpen. Zijn werk is meestal een ingrijpend gebeuren in het leven van een kunstvoorwerp. Eerst stelt de restaurator een onderzoek in, maakt dan een diagnose, gevolgd door een eventuele ingreep of behandeling.
Hoewel de mensen geneigd zijn om waardevolle objecten met de nodige zorg te omringen (denken we maar aan onze musea), kunnen ze toch niet vermijden dat kunstwerken onderhevig zijn aan afbraakprocessen. Het bewaren van kunst is daarom een eeuwigdurende strijd tegen het verval. Gelukkig kan de degradatie van kunstwerken worden vertraagd door ze in ideale omstandigheden te bewaren. Maar er worden tentoonstellingen gehouden, kunstwerken vervoerd, verkocht, opgeslagen, gemanipuleerd, opgehangen, afgehaakt, ingepakt, uitgepakt, enz. Al deze handelingen kunnen schade veroorzaken. Sterker nog, ze veroorzaken daadwerkelijk schade! Soms is deze schade onmiddellijk zichtbaar: bijvoorbeeld een scheur in een schilderij op doek. Vaak wordt deze schade pas na enige tijd vastgesteld: bijvoorbeeld craquelurevorming, opstuwing van de verflaag of afschilfering.
Vaak wordt er veel belang gehecht aan zo 'n beschadigd schilderij en wensen we dit werk in de mate van het mogelijke te herstellen. Dat is dan de taak van de restaurator. Binnen de ethische en esthetische beperkingen die hem (of haar) worden opgelegd, zal hij het werk zoveel mogelijk naar zijn oorspronkelijke staat trachten terug te brengen. Overblijvende originele materialen zal hij zo goed mogelijk conserveren, zodat verdere schade wordt beperkt. Preventieve of passieve conservatie omvat een geheel van maatregelen en handelingen, dat erop gericht is een optimale omgeving voor de bewaring van de voorwerpen te scheppen en te handhaven. Doel van de preventieve conservering is het verval zoveel mogelijk te verhinderen of te vertragen, zonder te raken aan het object.
Hierop kan de restaurator niet altijd een antwoord geven. Het verdient aanbeveling om in dit geval contact op te nemen met een onafhankelijke expert of met een veilingshuis
Zowel bij de verantwoording van een restauratie- of conservatiebestek als bij een heuse expertise ontstaat er nogal vaak verwarring over het begrip "waarde".
Onder venale waarde wordt meestal de gemiddelde prijs begrepen die men in een veilinghuis bij openbare verkoop in België kan bekomen.
Onder huidige waarde verstaat men doorgaans de venale waarde, te verminderen met de vetusteit (= verouderde staat).
De vervangingswaarde is de waarde die u op een bepaald ogenblik dient te betalen voor een gelijkaardig voorwerp van gelijkaardige oorsprong, kwaliteit en ouderdom, in perfecte toestand (eventueel na conservatie/restauratie), in België, BTW inbegrepen, in een eerlijk veilingshuis
De sentimentele waarde is minder rationeel. U heeft bijvoorbeeld een schilderij geërfd van grootmoeder en u houdt er een persoonlijke herinnering aan over. Dat is niet in geld uit te drukken!
De historische waarde is, naast de intrinsieke kwaliteiten, ook gebaseerd op een getuigenis van het tijdperk waarin het kunstvoorwerp werd vervaardigd. De schoonheid van een kunstwerk of zijn kunstwaarde is niet volgens een optelsom uit te rekenen. Er blijft altijd wel iets van een subjectieve waardering. De één is meer gevoelig voor de hoge graad van stofuitdrukking, terwijl de ander vooral geboeid raakt door de compositie. Overigens is het zo dat bovengenoemde picturale middelen niet op zichzelf staan, maar een sterke onderlinge samenhang vertonen. Zo kan men de ruimtelijke werking overtuigend weergeven door middel van kleur, maar evengoed met perspectief, met proporties of met licht en toon. Ook de makelij (= factuur) kan daarbij een rol spelen.
Die kan sterk variëren van schilderij tot schilderij. De meeste kosten zijn gebaseerd op een uurtarief, en het werk zal zeker eerst moeten worden onderzocht alvorens hierover een uitspraak kan worden gedaan. Elke verantwoordelijke restaurator zal dat op deze manier doen. Schade herkennen is niet altijd zo eenvoudig als het er misschien uitziet, en de restauratie ervan zeker niet. De ingrepen moeten eerst goed worden doordacht vooraleer er een prijsopgave kan volgen. De uiteindelijke correcte prijs kan echter toch alleen maar worden gegeven nadat het werk grondig is onderzocht.
De reden waarom een schilderij restauratie nodig zou hebben heeft de waarde al doen dalen, en professionele restauratie kan alleen maar helpen het stuk zijn waarde te laten behouden. Slechte restauratiepraktijken van amateurs en onnodige restauraties zoals verwijdering van originele patina kunnen echter wel resulteren in een waardevermindering.
Dat is een persoonlijke vraag. Het is iets wat u vooral zelf moet beslissen. De waarde van een schilderij houdt geen verband met de kosten van restauratie, die vooral arbeidsloon inhouden. Het kan dus voorkomen dat de financiële waarde van een schilderij lager is dan de kosten voor restauratie. Dan komt het u toe om uit te maken of de emotionele waarde ervan groot genoeg is om een restauratie toch de moeite waard te vinden. De restaurator moet daarbij eerlijk open kaart spelen en u niet onnodig veel laten betalen.
Elk schilderij krijgt de aandacht die het verdient, of het nu van oma is of van een grote verzamelaar. Ook de kleine meesters verdienen ons respect.
Dat hangt natuurlijk altijd af van het specifieke geval, wat er precies gedaan is, enz. Maar in het algemeen gesproken zou het weer ongeveer 100 jaar mee moeten kunnen gaan, op voorwaarde dat er goed voor wordt gezorgd en dat er geen ongevallen mee gebeuren.
keer terug naar de vorige pagina
KERAT BVBA
Hoogweg 42
B - 8940 Wervik
Tel.: 056-22 67 97
GSM: 0495-51 33 87
Fax: 056-31 02 21
E-mail: info@kerat.be
Websites:
Erkend Aannemer Klasse 1D23
- Registratie BE 0.455.459.540.
- Erkenning: nr 052801
- HRI: 36 101
Ex-voorzitter en nu bestuurslid van de
Art Restorers Association (ARA)
Ere-lid van de Jonge Ekonomische
Kamer Kortrijk (JCI)
Docent antiek schilderijen expert bij
SYNTRA WEST
BTW nr. BE 0 455 459 540
Rek.nr.
Frederik Cnockaert: 738-0077194-04
IBAN-nr. BE10 7380 0771 9404
BIC-code: KREDBEBB
Rek.nr.
Kerat BVBA: 468-3169001-77
IBAN-nr. BE80 4683 1690 0177
BIC-code: KREDBEBB